Ruim een jaar geleden vertrokken we met 4 koffers naar Vancouver. Met slechts een vaag idee van wat ons te wachten stond in de nieuwe wereld. Hoe zouden we gaan wonen? Hoe zou ons werk bevallen? Wat voor mensen zouden we ontmoeten? Hoe zou het zijn om alles in het Engels te moeten doen? Tijd om de balans op te maken van een jaar wonen en werken in Canada.
Wat hebben we geleerd?
Een hoop dingen over het dagelijks leven. Dingen die in Nederland vanzelfsprekend zijn omdat je daar je hele leven gewoond hebt. Lokale kennis die niet echt te meten is. We weten hoe de burgemeester van Vancouver en de premiers van BC en Canada heten, waar je de lekkerste hamburgers kunt eten, welke bussen waarheen gaan, hoe verschillende wijken heten, wat een yardsale is, dat linksaf slaan een tricky business is, waar je kunt skien en hoe je er komt, dat je courgetteplanten minstens een meter uit elkaar moet zetten, dat je niet mag parkeren binnen 6 meter van een brandkraan, zeiltermen in het Engels, de namen van de meeste spelers van de Canucks en nog veel meer. Maar sommige dingen weten we ook niet. Kinderrijmpjes en liedjes die iedereen op de kleuterschool leert. Een populaire tv-show die al jaren niet meer wordt uitgezonden. Tijdens ons weekje Nederland was het dan ook een feest der herkenning om op de bruiloft van Eva en Seppe een lied te zingen op de melodie van Berend Botje.
In de hoogopgeleide kringen waar ik me voor werk in begeef, zijn er doorgaans geen andere buitenlanders, en dan kan ik opeens niet meepraten over een onderwerp. En dan besef ik hoe enorm bevoorrecht ik ben dat ik als immigrant met een gesprek en twee telefoontjes een baan heb gevonden tussen de Canadezen, die nog perfect aansluit op mijn opleiding en ervaring ook. Ik begrijp nu een beetje hoe een immigrant in Nederland zich moet voelen, en dan ben ik nog wel van het ene naar het andere westerse land verhuisd, spreek ik de taal goed en heb ik een goede opleiding en baan. Voor de gein heb ik laatst de Canadese versie van de inburgeringstest gedaan, die je moet halen voordat je Canadees kunt worden. Die gaat over Canadese politiek, geschiedenis en maatschappij. Resultaat: ruimschoots geslaagd. Misschien valt het dus toch te meten.
Nederland?
Wat wel helpt met inburgeren, is dat we ons hier erg welkom voelen (wat als immigrant in Nederland niet zo lijkt te zijn). Canadezen zijn altijd erg geinteresseerd in waar we vandaan komen (al verwarren ze Nederland nogal eens met Denemarken, en als we ze laten raden zeggen ze vaak Noorwegen). De Scandinavische landen liggen blijkbaar erg voor de hand, maar als ik dan zeg dat we daar niet eens aan grenzen, kijken ze me ongelovig aan. Geen idee waar die verwarring vandaan komt. Nederland heeft bijna net zoveel inwoners als Zweden, Noorwegen en Denemarken samen, dus de kansvergelijking gaat niet op. Is Nederland misschien (teveel) naar binnen gekeerd in plaats van een leidersrol te nemen in het buitenland, wat ten koste gaat van de bekendheid van ons kikkerlandje? Ging het een paar jaar geleden nog over Amsterdam als het Europese fietsparadijs, nu heeft iedereen het over Kopenhagen. Met milieu en duurzaamheid liep Nederland altijd voorop, nu hoor je daar niemand meer over. Als je het hebt over vrij denken en tolerantie, halen ze hun schouders op. Maar als iemand Nederland kent, weet hij/zij verbazingwekkend genoeg waar bijvoorbeeld Epe ligt, of Spijkenisse, omdat ouders of vrienden daar vandaan komen.
Canadezen hebben het vaak over 'Europa', maar dan roep ik altijd dat 'Europa' niet bestaat. Ja, geografisch, en politiek-economisch in de vorm van de Europese Unie, maar geen Verenigde Staten van Europa. De enorme taalkundige, culturele, maatschappelijke en geografische diversiteit op zo'n klein stukje land, dat gaat er bij veel Canadezen niet in. 'Europa doen' in drie weken is de normaalste zaak van de wereld. Bij ons brengt dat een diepe zucht teweeg. Omgekeerd is het beeld dat wij van Noord-Amerika hebben natuurlijk ook niet helemaal terecht: 'Europeanen' denken wel 'even' van Vancouver naar de Rockies te rijden, of naar Seattle, omdat het er op de kaart wel behapbaar uitziet. Wake-up call: de Rockies liggen niet bepaald in de buurt van Vancouver, maar op een uurtje of 10 rijden. Waar wij skien is in de Coast Mountains.
Werken in het buitenland
We zijn gegroeid in en met ons werk. Mijn baan als knowledge translation scientist verloopt soepel. Ik werk voor de federale overheid in een van de 6 centra die zich bezighouden met volksgezondheid. Mijn centrum richt zich op milieu en gezondheid, en de andere 5 richten zich op andere gebieden van volksgezondheid zoals infectieziekten, gezondheid van de inheemse bevolking, gezondheid in beleid, methoden om wetenschap in beleid te vertalen, en determinanten van gezondheid. Ik heb te maken met medisch milieukundigen, gemeentes, universiteiten, ministeries, en volksgezondheidinspecteurs. Soms dien ik vooral als doorgeefluik van informatie, soms verzamel ik die zelf door literatuurstudies uit te voeren. Ik zit in een aantal netwerken en werkgroepen. Van een heleboel dingen weet ik dus wat er speelt en zo kan ik mensen met elkaar verbinden. Ik mag hier niet stemmen, maar heb toch via mijn werk invloed op beleid en uitvoering en dat is heel leuk en leerzaam. Voor dat alles krijg ik eens in de twee weken betaald, Tristan voor zijn werk de andere week, dus we krijgen iedere week 'zakgeld'.
Canadezen nemen hun werk serieus, maar werken niet zo ongezond veel als de Amerikanen. Eigenlijk vind ik het wel op Nederland lijken. Maar zoiets als een personeelsvereniging of een personeelsuitstapje bestaat niet of gebeurt in eigen tijd en op eigen kosten, en dan alleen als iemand het initiatief neemt iets te organiseren (ik dus).
Engels en Nederlands
We spreken in ons dagelijks leven meer Engels dan Nederlands. Ons Engels is ook vast beter geworden, maar dat gaat ongemerkt. Mijn leidinggevende zei laatst nog dat ze wel begrijpt waarom Nederlanders over het algemeen zo goed Engels spreken, want dat leer je vanzelf als je het vaak moet spreken op het werk enzo. Toen ik antwoordde dat ik in Nederland eigenlijk bijna nooit Engels sprak, en al helemaal niet met moedertaalsprekers, keek ze me vol verbazing aan.
Onderling spreken we altijd Nederlands, maar op ons werk en als er anderen bij zijn, gaan we over op Engels. Die switch gaat vloeiend. Soms zou ik ook in het openbaar onderling wel Engels willen spreken, omdat het soms zo vermoeiend is steeds weer uit te leggen dat je geen toerist bent maar hier woont. En ergens is het ook wel raar om Nederlands te blijven spreken terwijl we hier al ruim een jaar wonen. We zijn net zo goed inwoners van Canada als ieder ander. Toch willen we ook niet zomaar afstand doen alles wat ons tot Nederlander maakt, want Nederlands zijn we en zullen we altijd blijven.
En verder?
De levensstijl is hier heel relaxt. Iedereen doet aan yoga en loopt op slippers. Wij ook. In de zomer barbecuen we in de tuin, kijken we vanaf het strand naar de zonsondergang, gaan we zeilen of kamperen. In de winter gaan we naar de film, skien en bakken we muffins. Volgende week gaan we een weekje op vakantie naar de Rocky Mountains. Ik weet dat het lijkt alsof we voortdurend op vakantie zijn, maar dit is onze eerste vakantie samen sinds 2 jaar, afgezien van weekenden weg. Het is wel fijn om nu eens een weekje samen te zijn en niets te hoeven. De afgelopen maanden waren druk met bezoek, weekje Nederland en congressen, dus tijd om even bij te tanken.
Op naar het volgende jaar!
Wat vinden wij Nederlanders eigenlijk van Canadezen en welk beeld hebben ze van Canada? Laat het me weten, ik ben benieuwd!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten